Nieuws NETWERK VERPLEEGKUNDE
Terug

Overlijden Kathy Claeys

Pionier in intensieve zorg

Op 6 november 2025 overleed Kathy Claeys, een verpleegkundige die op uitzonderlijke wijze haar stempel heeft gedrukt op intensieve zorg, ziekenhuishygiëne en de professionele ontwikkeling van verpleegkundigen in België. Kathy was jarenlang voorzitter van de WIN en stond, samen met prof. Mieke Grypdonck en René Tytgat, op het podium van de allereerste Week van de Verpleegkundigen in Oostende in 1975.

Haar loopbaan was er een van vernieuwing, overtuiging en vakmanschap. Een collega die haar kende vanaf de beginjaren, René Tytgat, schreef een brief naar aanleiding van haar overlijden. Hij blikt terug op een uitzonderlijke carrière en een warme samenwerking. We nemen zijn brief hieronder integraal over.

Brief van René Tytgat
Kathy studeerde in 1969 af als bachelor in de verpleegkunde.

Op 1 augustus 1969 begon zij haar loopbaan in de heelkundige intensievezorg-eenheid van het St.-Janshospitaal van het OCMW Brugge, in de afdeling Minnewater. Het begrip “intensieve zorg” was toen amper tien jaar oud. In ons land hadden enkel de universitaire en de grotere regionale ziekenhuizen een dergelijke dienst ontwikkeld, waar patiënten in levensbedreigende toestand een maximale kans op herstel kregen.

Al snel werd duidelijk dat zowel artsen als verpleegkundigen zich moesten specialiseren in deze nieuwe discipline en zich continu moesten bijscholen. De directie gaf Kathy de kans om de opleiding general intensive care nurse te volgen in The London Hospital (GB). In 1974 behaalde zij er haar diploma. In het buitenland studeren, en dan nog in een andere taal, was toen allerminst vanzelfsprekend. Je had er lef voor nodig.

In 1975 werd zij aangesteld als hoofdverpleegkundige, met als opdracht in te staan voor de opleiding en de permanente vorming van de verpleegkundigen op intensieve zorg. Zij deed dit voortreffelijk, en al snel verwierf zij ook buiten de instelling naam als deskundige en vooral als boeiende lesgever. In het klaslokaal, maar vooral aan het bed, leerde zij studenten en gediplomeerden hoe ze behandelingen moesten uitvoeren, maar evenzeer hoe ze moesten omgaan met ernstig zieke mensen.

Binnen de beroepsorganisatie Netwerk Verpleegkunde werkte zij zeer actief mee aan de uitbouw van de postgraduaatopleiding intensieve zorg en spoedgevallen in België.

De diensten intensieve zorg hebben allemaal een hardnekkige, onzichtbare vijand: de nosocomiale infectie. Intensievezorgpatiënten bevinden zich in een uiterst verzwakte toestand. Hun natuurlijke weerstand tegen ziektekiemen functioneert niet meer afdoende en bovendien zijn er noodzakelijkerwijs kunstmatige toegangswegen in het lichaam aangebracht. Een patiënt kan dan ook zeer snel besmet raken, hetzij door eigen kiemen die in de darm, op de huid of in de luchtwegen aanwezig zijn, hetzij door kiemen die door andere mensen worden overgedragen.

Omdat Kathy dagelijks met deze problematiek werd geconfronteerd, volgde zij in 1982 de specialisatiecursus “verpleegkundige in de ziekenhuishygiëne”.

Toen in 1985 werd beslist om een verpleegkundige-ziekenhuishygiënist aan te stellen om deze problematiek ziekenhuisbreed aan te pakken, was Kathy meteen kandidaat. Velen vonden het onbegrijpelijk dat zij de boeiende opdracht van clinical teacher achterliet om aan iets nieuws en vooral onbekends te beginnen. Maar vanuit haar ervaring op intensieve zorg had zij begrepen dat nosocomiale infecties deskundig en planmatig moesten worden aangepakt om resultaat te boeken en vooral om te voorkomen dat patiënten verder zouden verzwakken of overlijden.

Het concept ziekenhuishygiëne kreeg later ook een wettelijke vorm. Als gevolg van het KB van 7 november 1988 diende elk ziekenhuis te beschikken over een comité voor ziekenhuishygiëne, bestaande uit een geneesheer en een verpleegkundige. Kathy voelde zich hier volledig in haar sas. Samen met de geneesheer deed zij veel onderzoek, stelde zij maatregelen voor, ontwikkelde zij procedures, gaf zij bijscholing en ondersteunde zij collega’s bij probleemsituaties. Het was voor haar niet eenvoudig om gespecialiseerde professionals te doen inzien dat bijvoorbeeld handenhygiëne even belangrijk is als een gecompliceerde behandeltechniek.

Binnen Netwerk Verpleegkunde was zij oprichter van de werkgroep “Ziekenhuishygiëne”, waarvan zij meer dan dertig jaar voorzitter bleef. Vanuit die functie was zij lid van de Federale Raad voor Verpleegkunde, die de minister van Volksgezondheid op dit vlak adviseert. Zo werkte Kathy intens mee aan de totstandkoming van het belangrijke KB van 26 april 2007 betreffende de hygiëne in de ziekenhuizen.

Zij gaf tientallen voordrachten in het hele land. Daarnaast was zij een vlotte pen: in diverse tijdschriften publiceerde zij ongeveer vijftig artikels.

Kathy was gastdocent in het Vervolmakingscentrum voor Verpleegkundigen in Brussel, het Centrum voor Ziekenhuiswetenschappen in Leuven en aan de VIVES-hogeschool in Brugge en Kortrijk.

Daarnaast was zij medeoprichter en redactieraadslid van het voortreffelijke tijdschrift Ligament, dat tientallen jaren het bindmiddel vormde tussen de oud-studenten van het Sint-Jansinstituut voor Verpleegkunde.

In haar loopbaan was het niet altijd rozengeur en maneschijn. Wat niemand voor mogelijk had gehouden, gebeurde toch: er kwam een breuk in de samenwerking binnen de vaste staf van het comité ziekenhuishygiëne. Sterke figuren ontwikkelen nu eenmaal een eigen visie, maar wanneer de ene die visie aan de andere wil opleggen, loopt het mis. Dialoog en wederzijds respect zijn daarbij de sleutel, niet een escalerende strijd. Zo heeft Kathy uiteindelijk bakzeil moeten halen tegenover de toenmalige geneesheer-ziekenhuishygiënist.

Het sierde haar dat zij het hoofd niet liet hangen. Op nationaal vlak bleef zij de rol van de verpleegkundige-ziekenhuishygiënist verdedigen, als lid en adviseur van het verpleegkundig departement in een ziekenhuis.

Op 14 mei 2004 werd haar de Prijs Dr. Jules Marie Heymans toegekend, met als memorandum “Verpleegkundigen en de verpleegkundige-ziekenhuishygiënist, belangrijke partners in de kwalitatieve zorgverlening”. Deze prijs werd om de twee jaar uitgereikt aan een Belgische verpleegkundige die zich op vele domeinen had onderscheiden.

Tijdens de laatste tien jaar van haar loopbaan was zij staflid-vormingscoördinator, een niet te onderschatten opdracht waarin zij het goed functionerende leercentrum verder uitbouwde. Dat centrum voorzag zowel nieuw aangeworven verpleegkundigen als ervaren collega’s van de nodige bijscholing.

Kathy, je was een fijne collega en je hebt ongelooflijk veel betekend voor de gezondheidszorg in ons land. Je bent niet vergeten, en je leeft voort in de gedachten van velen.

René Tytgat

De werkgroep infectiebeheersing (WIN) NETWERK VERPLEEGKUNDE is Kathy Claeys dankbaar voor haar jarenlange engagement, haar visionaire werk en haar tomeloze inzet voor het beroep. Zij wenst haar familie, vrienden en collega’s veel sterkte toe.